Verslag  “Broederkring” do 16 mei 2017                                                   

 

Opening:  Opw 488, gebed, Opw 65.

 

Thema:       de brief aan de Galaten                         

Het tweede hoofdstuk van de brief aan de Galaten werd door een paar broeders gelezen, het gedeelte handelt over de erkenning van Paulus in Jeruzalem en Jezus voor de wet gestorven. De voorzitter gaf daarna ruimte om de gedachten over dit gedeelte weer te geven, hetgeen een veelheid van gesprekspunten op en persoonlijke ervaringen opleverde. Een korte samenvatting:

• Was er een tweedeling onder de apostelen, waardoor de “heidenen” zich ook aan de “Joodse” wetten moesten gaan houden? Paulus pleitte ervoor dat zij vrij zouden zijn van deze Joodse wetten over reiniging en andere levens richtlijnen. De 10 geboden zijn een basis  en slechts richtlijnen waar eenieder zich aan dient te houden.

• Paulus is in deze brief boos op de Galaten omdat zij luisterden naar valse broeders die het evangelie verdraaiden en beweerden dat aan “de wet” vastgehouden moest worden, terwijl zij juist de vrijheid van de genade van Christus konden genieten en niet volgens de Joodse wetgeving behoefden te leven.

• Toch moesten de bekeerde heidenen zich ook houden aan bepaalde regels, (Hand 21:25)  Namelijk: afgodenoffers, bloed, het verstikte en ontucht.

• Paulus zegt in vers 20: “Ik ben met Christus gekruisigd; en niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij;”

• De Galaten wilden Jezus niet verloochenen, maar waren bezig Jezus op het 2e plan te zetten en door deze brief werden zij daarvoor gewaarschuwd. Uit de wereld denkt men dat je als christen van alles “moet”, maar juist daardoor raak je Jezus kwijt.

• Een langdurige discussie ontstond over dit “moeten” waarin bekentenissen voorkwamen van verschillende broeders.

• Uiteindelijk kwamen we tot de conclusie: dat bekering belangrijk is en naarmate de tijd vordert, wordt je steeds meer bewust van het verlangen dat je “ja” moet zeggen op wat God van je vraagt.

• Paulus was een man vol vuur en gedrevenheid. In eerste instantie tegen de volgelingen van Jezus, maar toen hij Jezus had leren kennen en zijn hart vol was van Jezus, getuigde hij vol vuur en enthousiasme van zijn Heer en Heiland.

• Jaloers zijn is geen fijne eigenschap, maar als christen mag je dat best zijn op de manier waarop Paulus opkwam voor Jezus, daarvoor was hem niets teveel.

• Onze verantwoordelijkheid is: getuige zijn.

 

Sluiting:  Dit was de laatste samenkomst  van dit seizoen. Voorstel om in het nieuwe seizoen eens een psalm te bespreken. Er is gekozen voor Psalm 91.

Zingen Opw 27, waarna enkele broeders voorgingen in een kringgebed gevolgd door Opw.427

Volgende bijeenkomst: D.V. donderdag  21 september 2017

 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 20 april 2017

 Thema:       de brief aan de Galaten                         

Het eerste hoofdstuk van de brief aan de Galaten werd door een paar broeders gelezen, waarna ieder de gelegenheid kreeg zijn gedachten over het gedeelte weer te geven. Dat leverde een veelheid van gesprekspunten op en getuigenissen van persoonlijke ervaringen. Een korte samenvatting:

• Evenals de tegenwoordige boze wereld, was de wereld destijds ook het domein van satan en de machten der duisternis. Er was tempelprostitutie, kinderen werden geofferd aan de moloch. (2Kon.23:10). Er is wat dat betreft niets nieuws onder de zon (Pred.1:9,10). Wel kan men constateren dat er een enorme schaalvergroting is. De vroegere dorpspraat is er nu op wereldschaal.

• We leven in de tijd waar de Heere Jezus voor waarschuwde (Mat.24:37,38), de tijd van Noach (Gen.6:1-10) waarin de aarde vol van geweldenarij was en slechts Noach rechtvaardig was. Dat is een aansporing voor ons om meer geheiligd te gaan leven (Openb.22:11)

• Tegenwoordig speelt satan openkaart. De mensen geloven niet meer in de onzichtbare wereld. Na de dood blijft er niets over, kinderen wordt verteld dat de overledene een ster aan de hemel wordt. Het lijkt er op dat het ‘uur van de duisternis’ onafwendbaar is, dat het ‘moet geschieden’(Mat.26:54).

• De mensen hebben geen fundament van Waarheid meer. Door de onbegrensde mogelijkheden voor de mens om eigen mening te verspreiden wordt nu de waarheid gerelativeerd tot de groep waarin men zich bevindt. Doordat de christenen niet meer Gods Woord, de Bijbel lezen en dat uitleven, ziet men niet het verschil tussen de Islam en het Christendom

• Paulus waarschuwt de Galaten die de vrijheid van de genade van Christus willen vervangen door een leven volgens de joodse wetgeving. Ook nu verlaten velen de kerken vanwege de ervaring van het ‘wettische’, het gevoel dat men zijn best moet doen, in plaats van te leven uit de genade ons geschonken door het offer van Jezus. Men heeft niet de relatie met Jezus Christus leren kennen.

 • Geloofsdaden zijn een gevolg van leven uit de genade duur gekocht te zijn. Hoe meer we beseffen wat de Heere Jezus voor ons betaald heeft op Golgotha, om ons met zijn bloed vrij te kopen van de geestelijke machten in de wereld, hoe meer we worden als Hij. Dat is een groeiproces.

• Belangrijk voor de geestelijke groei is datgene waar we ons dagelijks mee voeden. De kennis van de Bijbel alleen voor discussie gebruiken is geen ontmoeting met onze hemelse Vader en bewerkt geen liefde in ons. De duivel kent de Bijbel ook en kan zich voordoen als een engel des lichts. Er is veel misleiding: occulte therapieën, spottende TV-programma’s, verwijt voor wereldvreemdheid, moderne communicatiemiddelen, moderne leefwijze enz.

Via het geloof in de evolutietheorie wordt het geloof van de jeugd in de Bijbel ondermijnd.

Waarschuwing: Mijn volk gaat te gronde door gebrek aan kennis (Hosea 4:6).

• Hoe kunnen we onze kinderen, jongeren, collega’s tot steun zijn? Een voorbeeld zijn (als geheiligde leven), in gesprek blijven, liefdevol benaderen.

• We mogen beseffen dat tegenstand tegen het christendom tegenstand tegen Christus en God de Vader is. Onze verantwoordelijkheid is: getuige zijn.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 16 maart 

Thema: Exodus van het volk van God, de Israëlieten

Het doel: bewijs tonen van de grote daden van God en de betrouwbaarheid van de Bijbel. Wij lijken wel eens op de discipel Thomas (Joh.20:29), die eerst bewijs wilde zien voordat hij wilde geloven. De Heere Jezus zegt dan: zalig zij, die niet gezien hebben en toch geloven.  De grootheid van de Heere God kunnen we ook zien in de geschiedenis van Israël, het volk van God. Jozef werd vooruit gestuurd naar Egypte om het gezin van Jakob te redden van de hongersnood. En 400 jaar later kreeg Mozes, opgeleid aan het hof van Farao, de opdracht het hele volk Israël uit de slavernij naar de vrijheid te leiden. Uit het handelen van de Heere God met Zijn volk kunnen wij geestelijke lessen leren: ook in uitzichtloze situatie kan de Heere ons redden (Ex.14:15-17). In de traditionele visie wordt  het volk Israël door het ondiepe water van de ‘riet’zee geleid. Dat doet afbreuk aan het Bijbelse verslag van ‘water dat rechts en links als een muur staat’(Ex.14:29). Ook  de locatie ‘Midian’ waar Mozes vluchtte (Ex.2:11) en de berg Horeb die gespleten werd (Ex.17:6) in de gangbare kaarten lijkt minder waarschijnlijk. Dat heeft Ron Wyatt (1933-1999), een gelovige amateur archeoloog, aangezet tot  onderzoek en dat leverde interessante vondsten op: afzettingen van koralen in de vorm van wagenwiel, restant van een gouden wiel en een verhoogde bodem in de Golf van Akaba. En in Saoedi Arabië: een geblakerde rots, resten van een altaar, een  gespleten rots, een menora-inscriptie, 12 bronnen, enz. Op twee tegenover elkaar liggende plaatsen aan de golf van Akaba  staan/stonden zuilen. Op grond daarvan kan men een alternatieve route voor het volk Israël opstellen, die in overeenstemming is met de Bijbel. Deze bewijzen zijn niet nodig voor ons die geloven in het offer van Jezus Christus. Wij kunnen ook Jer.16:14-16 in vervulling zien gaan: Joden uit heel de wereld trekken naar Israël, geholpen door christenen (als vissers) opgejaagd door antisemieten. Er was weer een open gedachten uitwisseling en er kwamen interessante aspecten, zoals o.a.:

• reden  niet geloven in schepping is: men wil geen verantwoording afleggen aan de Schepper;

• geloven is een keuze: - geloven in de Bijbel of - geloven wat de wetenschappers zeggen;

• in Psalm 2:1-6 staat de verklaring van de verwarring in de wereld en de haat tegen Joden (de staat Israël) en christenen: het is gericht tegen de HEERE en     Zijn Gezalfde;

• mensen zonder relatie met Christus zijn verblind door satan, de vader der leugen (Joh.8:44);

• kinderen en jeugd staan onder druk in de wereld die gericht is op het eigen ik presenteren;

Tenslotte werd gelezen Exodus 15:1-18 en besloten met: de HEERE zal regeren!

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” 16 februari 2017

Thema:                                 Genade

Maar Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij komt wonen (2Kor.12:9,10) Door genade worden we behouden (Ef.2:8,9). We kunnen genade niet verdienen, hoe goed we ons best ook doen. Ook al struikelen we maar op één punt van de wet, dan zijn we gevallen (Jac.2:10).  Genade is niet goedkoop; Jezus Christus heeft er alles voor gegeven. De wet is een middel, dat als doel heeft: Christus, en door Hem uitstrekken naar de genade van God (Rom.10:4). God heeft Jezus Christus gezonden als middel tot verzoening, door het geloof in Zijn bloed (Rom.3:25). Wij worden gerechtvaardigd door geloof. Genade zet ons in actie (1Kor.15:10).

De inleiding bracht weer een levendige gedachtewisseling op gang, afgewisseld met het lezen van veel Bijbelteksten.

• We leven elke dag uit genade. Dat is niet eenvoudig te begrijpen. Onze trots belemmert het leven uit genade. We kunnen iets beseffen van wat genade is, als we vergeving schenken aan iemand die ons onrechtvaardig behandelt.

• We zijn gerechtvaardigd in Christus en mogen alles doen uit liefde voor Hem (Gal.2:15-21).

Niets doen veroorzaakt een negatieve instelling. Denken: dat kan ik niet, kan verkeerde nederigheid zijn en levert het gevaar van gemakzucht. Het werk doen voor onze Heer en Heiland geeft voldoening (Kol.3:23).

• Oordelen over de ander en de gemeente betekent dat we onszelf op de troon zetten. Zelf actief iets doen maakt dat we minder klagen. We zijn geneigd tot gemakzucht en luiheid.

• Vergeven en vergeten is moeilijk; het wordt mogelijk als we beseffen hoe oneindig groot genade, God,  is. De vrouw van Lot is een waarschuwing voor ons om de wereld te vergeten en vooruit te zien op onze redding. Hoe meer besef we krijgen van de genade aan ons bewezen, hoe meer drang we ervaren dat door te geven.

• Elkaar bemoedigen kan met enkele woorden of een lied op het juiste moment. (Spr.25:11)

• We moeten ons niet laten beïnvloeden door alle berichten die op ons afkomen. Daardoor kunnen we als het ware ‘betoverd’ worden (Gal.3:1). De berichtgevers hebben zelf niet in de gaten door welke geest hun gedachten gestuurd worden. In de tijd waarin we nu leven is het actueel niet gelijkvormig te worden aan de wereld(Rom.12:1).

- Opw. 427; daar gaat het om: volledige overgave aan Jezus, op alle terreinen -

•.Gods genade is Jezus Christus. Wanneer Hij in ons leeft (Gal.2:20) zijn we gezamenlijk te vergelijken met een diamant met kleurschakeringen.

Wanneer we aan het eind zijn van ons eigen kunnen en onze eigen kracht (Fil.3:3) kan de genade door ons heen stromen naar anderen en grote dingen bewerken (Fil.4:13).

• Gelezen werd Titus 3:1-11. Als we leren te leven gericht op het goede en, door Genade, leren nee te zeggen tegen verleidingen, kan wat we meemaken uitwerken ten gunste van anderen (2Kor.6:1).  Gods genade tilt ons boven de moeilijkheden (2Kor.12:9). 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 19 januari 

Thema:                           Religie of relatie (Mat.25:1-13)

De dwaze meisjes worden bij de komst van de bruidegom niet binnen gelaten omdat hij hen niet kent, Hij heeft geen relatie met hen. Dat is een waarschuwing voor ons om niet oppervlakkig religieus te zijn. De kernvraag is: hebben wij een relatie met de Heere Jezus?

In Mat.7:21-27 staat ook een ernstige waarschuwing. We kunnen opzien tegen de geweldige werken van ‘mannen Gods’, terwijl die toch niet afkomstig zijn van de Heere Jezus. Er werd weer volop deelgenomen aan de gesprekken. Enkele punten: 

• Een relatie aangaan betekent dat men interesse heeft in die persoon, hem wil leren kennen, wil weten wat hem welgevallig is en betrouwbaar zijn in die relatie.

• God heeft Zijn Woord gegeven om Hem te leren kennen. Gods wil is: Hem liefhebben boven alles en onze naaste als onszelf (Luc.10:27). Dat betekent: verlangen tijd met Hem door te brengen. Eerste vereist is: geestelijk opnieuw geboren zijn. (Joh.3:3,5)

• De relatie met God kent groeifases met mogelijk dieptepunten. Het geloof en ons vertrouwen kan op de proef gesteld worden en een worsteling zijn. (Marc.4:35-41)

• We groeien in het ‘kennen van Hem’ als we leven in voortdurende  relatie met Hem en zijn gebod opvolgen: elkaar liefhebben. (Joh.15:9-12) Daarbij kunnen we niet afgaan op eigen gevoel; zelfs onze vijanden en haters moeten we liefhebben (Luc.6:27-29)

Bijbels liefhebben betekent: de ander zien door de ogen van Jezus.

•  Eigen leven leiden en religieus je best doen zonder Gods Geest, geeft dikwijls conflicten. Liefde houdt in: geven en vergeven. Naarmate we meer geven ontvangen we meer.

• Willen we als reine ‘bruid’ verbonden zijn met Hem dan vragen we: Schijn met Uw Licht door mij; wijs Gij aan wat verkeerd is. Annie Berents-Karkdijk geeft daarvoor een prachtig boekje geschreven: Ja, kom binnen Heer.

• Alle 10 meisjes uit de gelijkenis moeten wakker geroepen worden. Laat ons het moment van Jezus wederkomst niet overvallen! Hoe lezen wij de Bijbel? Alleen in momenten dat het moeilijk is, als een soort ‘EHBO-koffertje’, of onderwerpen wij er ons dagelijks daaraan, ook als we zelf anders denken?

Een stem horen, een licht zien, emotioneel aangeraakt worden, een innerlijke vrede ervaren.... het is een persoonlijke ervaring. De Heere gaat met ieder een persoonlijke weg. Zalig zij die toch geloven ((Joh.20:29). Bijna-dood-ervaringen komen veel voor, bij gelovigen en ongelovigen. Men kan er geen conclusie uit trekken voor het leven na de echte dood. 

• Wie is onze naaste? De Heere Jezus geeft een gelijkenis (Luc.10:29). De religieuze leiders lopen voorbij, maar de barmhartige Samaritaan heeft liefde voor de man die zonder hulp dreigt te sterven. Ervaart ieder die op ons pad komt in ons zijn naaste, of juist degene die geestelijk dood is en een relatie met God nodig heeft?

• Zijn onze ‘goede werken’ uiting van religie of gevolg van de relatie met de Jezus? Ziet men aan onze daden of we een relatie hebben met onze Schepper? (Jac.2:14-26) Rachab koos voor het volk van God, tegen haar eigen volk. Haar leugen was niet voor eigen bestwil, ze riskeerde haar leven daarmee.

• Als gemeente mogen we gezamenlijk een naaste zijn via organisaties zoals Waypoint. Er werd op gewezen dat we in de jongeren die meegesleurd worden in de verslavingen het werk van satan zien. 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag van de broederkring avonden

Verslag  “Broederkring” do 15 december.

Thema: ‘De grote opdracht’(Mat.28:19,20) en geloofwaardig over komen door ‘één zijn’ (Joh.17:11).

In Mat.28:16t/m20 krijgen de volgelingen van Jezus de opdracht. Ook wij hebben die boodschap aan de wereld te brengen, tot het einde van de wereld (Mat.24:14). De gesprekken werden gestart door het lezen van Lucas 19:11t/m 27 en de vraag: wie stelt wie voor en waarmee zijn ponden te vergelijken?

De Man van Hoge Geboorte is de Here Jezus. Hij is naar de hemel gegaan om het Koninkrijk Gods   in ontvangst te nemen. Dat is wel duidelijk, want daarom gaf de Heere Jezus de gelijkenis(vs11). Hoe we ‘ponden’ moeten zien, is minder eenvoudig. Het gaat om het geestelijke en hangt samen met de ‘grote opdracht’, dus : kennis van eeuwig heil. Maar hoe moeten we dat toepassen? Over de ponden en ieders persoonlijke verantwoording werd weer volop van gedachten gewisseld.

• Jezus geeft de gelijkenis om Zijn volgelingen te wijzen op hun verantwoordelijkheid en de ernst van het verwaarlozen van die opdracht. Zijn tien slaven krijgen allemaal evenveel.

• De ponden stellen dus iets anders voor dan de talenten in Mat.25; daar worden de slaven zijn bezittingen toevertrouwd, ieder naar zijn bekwaamheid

• De opdracht, ‘het evangelie verkondigen’ kan door woorden en daden. Wil ons getuigeins geloofwaardig zijn dan horen onze daden  in overeenstemming te zijn met onze woorden.

• We leven in een chaotische wereld en de verwarring en angst neemt toe (zie ook Luc.21:25). Als wij als volgelingen van Jezus vrede in ons hart hebben zal het opvallen.

• Ieder mens heeft zijn eigen verantwoordelijkheid; wel of niet waarschuwen en  wel of niet luisteren naar de waarschuwing. (zie Ezech.3:16-21)

• Pesten, elkaars leven zuur maken, is van alle tijden, maar nu is er een enorme schaalvergroting door de moderne communicatiemiddelen. De sfeer in bedrijven veroorzaakt spanning en ziekteverzuim. Hoe kunnen wij vanuit de relatie met onze Heer handelen? Er kwamen positieve voorbeelden: gebedsgroepen in bedrijven, overleg met medegelovigen, gebed, persoonlijke benadering.

• Voor christelijke gemeenschap is het belangrijk te onderscheiden tussen religie en relatie. Wij kunnen uit onszelf niets, maar mogen de Heilige Geest door ons heen laten werken. Er is een geestelijke strijd tussen onze eigen menselijke aard en de Geest van de Here Jezus.

Wij kunnen ons afvragen: laat ik mij inschakelen, wat betekent het ‘leren onderhouden’ als iemand tot geloof komt, hoe doet men dat. Hoe brengen we het gebod tot liefde (Luc.10:27) in praktijk? Dit bracht de gesprekken op het onderwerp: ‘communicatiestoornissen’.

• Voorbeelden van misverstanden zijn: - vergeten te groeten => wordt uitgelegd als afwijzing.

- een opmerking over iemands uiterlijk => wordt ervaren als pesten.

• De mens is een heel complex gevoelig wezen. Beschadigingen die we als kind oplopen maken ons kwetsbaar voor woorden die bij een ander niet zo uitwerken. Wij kunnen pesten, zonder dat we het beseffen of bedoelen! Er wordt heel veel geleden doordat men verkeerde conclusies trekt!

• Hoe maken we de opdracht van de Here Jezus concreet in ons leven en onze eigen kring?

Door kennis van Gods Woord (Hos.4:6) en de concrete toepassing van de liefde (Joh.13:34,35). 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 17 November 2016    

Thema: De brief aan de Filippenzen hoofdstuk 4 

Opwekkingen (Fil.4:1-10)

Paulus verlangt naar de Filippenzen en moedigt hen aan staande te blijven in de basishouding: een door de Geest van Jezus Christus geleide gemeente. Dat is genade van God. Denk het positief het goede (vs8). Dat is totaal verschillend dan de wereld.Wees altijd bewust van de genade in de Heere. Dan is blijdschap het gevolg. De inleiding van de voorzitter bracht de gesprekken weer op gang. Hoe kan men blijdschap hebben in moeilijkheden? Wat is blijdschap in de Heere?

• Paulus kan als ervaringsdeskundige spreken. In Filippi is hij samen met Silas zwaar geranseld en in de gevangenis gegooid. (Hand.16:23) Toch konden ze        bidden en zingen omstreeks middernacht, waarschijnlijk omdat ze toen weer wat tot bewustzijn gekomen waren.

• Blijdschap in de Heere is datgene waar Jezus voor gebeden heeft (Joh.15:9-10). Het is een innerlijke vrede en rust, een troost (de Trooster, de Heilige Geest,    Joh.16:7)

• Wees niet bezorgd, breng het bij de Heere. Dat is een leerproces. We moeten leren wandelen in voortdurend contact met Hem. Ken Hem in al uw wegen          (Spr.3:5,6)

• Standvastig zijn in Bijbellezen. Het oog kan dan plotseling vallen op een speciale tekst die kan helpen in een moeilijke periode. Ons verblijf hier is maar        tijdelijk.

• In dit digitale tijdperk zijn er heel veel zaken die vanuit de hele wereld op ons afkomen. Speciaal de jeugd staat bloot aan de ‘aandachtsrovers’ op internet,    mobieltjes, facebook enz.

Hoe kunnen wij de jeugd helpen?

Er kwamen verschillende voorbeelden uit de praktijk van alle dag ter sprake.

• We hoeven niet bezorgd te zijn; wij kunnen alleen maar zaaien. Ons gedrag en houding zijn belangrijk. Waaraan kan de wereld zien dat we bij Jezus horen?

• Pestgedrag bespreekbaar maken. Rechtstreeks het kwaad aanspreken. Er werd een ervaring gedeeld van een het aangaan van open gesprek met de pester      en in contact brengen met het slachtoffer wat een vreedzame uitwerking had.

• Iemand terechtwijzen is niet eenvoudig. Belangrijk is gedrag en persoon te onderscheiden. Kritiek op gedrag wordt gevoeld als kritiek op de persoon.

• Basisgevoelens van de mens is het besef ‘God houdt van je’. Daarvan werd een concrete ervaring doorgegeven met de gelijkenis van ‘de goede Herder’. Ook   de gelijkenis van ‘de barmhartige Samaritaan’ kan daarbij helpen.

Vertrouw op de Heere Jezus stel elke dag onder Zijn leiding. Door de ontkerkelijking is dat bij veel ‘christelijke’ instellingen zoals scholen een onbekend          iets geworden. Bij discussies daarover komt men het verschil in ‘religie’ en ‘relatie met de Heer’ tegen. Dank voor de ontvangen gaven (Fil.4:10-20)

• Paulus is tevreden. Ook dat is iets wat we moeten leren: tevreden zijn met wat men heeft.

• Het geloof vraagt om offers: dankbaarheid, geld, tijd… ‘Heer wat wilt Gij dat ik doen zal’ Wat we voor Hem doen zien we in de eeuwigheid terug (vs 17, en      ook Col.3:24). We moeten het niet daarom doen, maar uit liefde voor de Heere Jezus.

• We kunnen een licht zijn voor onze eigen omgeving en gezamenlijk als gemeente het Licht der wereld tonen. Zoals te zien is in de zendingsbrief uit Japan van Lianne en Simeon.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 20 oktober 2016                                          

Thema:               De brief aan de Filippenzen  (vervolg)     

Fil.3:1t/m9 De tegenstelling: vertrouwen op het ‘vlees’ (eigen ik)óGod in de Geest dienen.

Paulus schrijft: opleiding, kennis, eigen ervaring, alles valt in het niet, is ‘vuilnis’, in vergelijking met Jezus Christus. Paulus wil dat alles opgeven om Hem te kennen en de kracht van Zijn opstanding.   Is dan alles wat Paulus vroeger geleerd heeft zinloos?

• Door al die kennis en ervaring kan hij anderen helpen. Het gaat om onderscheiden van het belangrijkste. Genoemd werd Joh.3:30.

Fil.3:10t/m16 Geestelijke volwassenheid.

Als kenmerken van geestelijke volwassenheid werden genoemd:

• Vergeten wat achter mij ligt. Velen zijn, soms onbewust, gebonden zijn door het verleden. We hebben de hulp van de Heilige Geest nodig om het verleden onder ogen te zien en te kiezen elke dag opnieuw onze gedachten te laten beoordelen door Jezus Christus.

• Goed en kwaad leren onderscheiden. Dagelijks komt via onze oren en ogen de wereld binnen. We moeten leren niet te luisteren naar alles wat we horen en niet te kijken naar wat we allemaal zien.

• Niet roddelen. Een woord dat we uitspreken kan bij een ander totaal andere gedachten oproepen dan we verwachten, en als dat weer doorverteld wordt de verwarring nog groter. Het vereist zorgvuldigheid om op de juiste wijze te reageren als in gezelschap gepraat wordt over een ander die er niet bij is. Kritisch reageren is riskant. Men kan de persoonlijke mening geven: ik praat niet over iemand die er niet bij is. Hoe als ondergeschikte reageren als de baas niet open staat voor een eerlijk gesprek? Dat kan een nacht van gebed kosten. We kunnen als broeders elkaar daarin steunen.

• Positieve relatie opbouwen. Dat vereist communicatie vanuit de geestgesteldheid van Jezus Christus.

• Leren luisteren naar de boodschap in een preek; voor de voorganger bidden.

• Jagen naar het doel, de prijs, een eeuwige beloning (krans, kroon).

Fil.3:17t/m21 Leven als burgers van de hemel.

• Paulus heeft verdriet over hen die niet tot eer van Jezus Christus leven. Die niet de kenmerken van geestelijke volwassenheid vertonen.

• De gelegenheid aangrijpen om te laten merken dat je ‘navolger’ bent, maar niet opdringen

• Jonge gelovigen de gelegenheid bieden om te groeien en te vertellen over Jezus.

• Christen zijn is niet makkelijk. De weg is smal en tegen de stroom in.

Filippenzen hoofdstuk 4  Thema: de vreugdevolle opbouw.

• Niet bezorgd zijn is moeilijk. De oplossing: bij God brengen in dankbaarheid en gebed. vs6

Integriteit onder elkaar is heel belangrijk.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 15 september 2016

 

Thema:               De brief aan de Filippenzen            

Dit is een heel positieve brief. Paulus verheugt zich in de verbondenheid met Christus.

De inhoudelijk samenhangende fragmenten werd door een broeder, die dat wilde, gelezen, waarna er gezamenlijk over van gedachten werd gewisseld. Enkele punten uit de levendige discussies:

Fil.1:1t/m11    ‘Vreugdevolle opbouw’

• Wat je aandacht geeft groeit, dus kijk naar wat goed gaat en niet naar wat fout gaat.

• Wij zijn geneigd tot het negatieve; 1 punt van kritiek onthouden we beter dan veel positieve.

• vs 6 kan ons geruststellen, de Heere is een werk in ons begonnen.

Fil.1:12t/m18 ‘Christus wordt verkondigd’

• Paulus, in gevangenis, verheugd zich erin dat Jezus Christus verkondigd wordt. Ook al is het doel van sommige predikers: Paulus in kwaad daglicht zetten. En gaat het in de rechtszaal er om Paulus te veroordelen.

Fil.1:19t/m26 ‘In hoeverre zijn wij zijn wij toegewijd aan de zaak van Christus?’

• Paulus is de Heere Jezus volledig toegewijd en ondergaat daarvoor veel tegenwerking, marteling en gevangenschap. Hij zou liever naar Hem toegaan, maar beseft dat het voor de verkondiging van het Evangelie noodzakelijk is te blijven leven.

• Is die toewijding ook het doel van ons leven? Of willen wij leven vanwege de genoegens van het leven en onze nabestaanden?

• Beseffen wij waarop het aankomt in het leven? In hoeverre grijpen wij de kansen?

Het was bemoedigend te horen over een gebedsgroep op het werk.

Fil.1:27tm30   ‘Volharden in de gezindheid van Christus?’

• Hoe staat het met de eensgezindheid en standvastigheid in het Evangelie van Jezus Christus in onze eigen gemeente?

• We mogen de verschillende meningen van elkaar respecteren, ieder heeft zijn eigen identiteit en keuze in het brengen van het Evangelie. Baptistische Boys tonen dat door positief te blijven ook als ze verliezen en geschoffeerd worden en door hardop bidden en Bijbellezen.

Fil.2:1t/m4      ‘Doe niets uit eigenbelang’

• De ander voortreffelijker achten en nederigheid betekent geen minderwaardigheid, maar gezamenlijk de gezindheid van Christus tonen. Dat vereist inzicht en fijngevoeligheid (Fil1:9)

Fil.2:5t/m11    ‘Lofzang op Christus’

• Jezus Christus toont een precies omgekeerd gedrag dan de ‘wetmatigheid van de wereld’.  Wat de mensen zien als ‘verliezer’ blijkt uiteindelijk geestelijk juist ‘De Overwinnaar’ te zijn.

Fil.2:12t/m18  ‘Aansporing tot heilig leven’

• Zoals hardlopers streven naar een lauwerkrans, zo mogen wij ons inspannen voor Christus.

• We doen alles zonder morren als we de gezindheid hebben van Col.3:23. “En alles wat u doet, doe dat van harte, als voor de Heere en niet voor mensen, in de wetenschap dat u van de Heere als vergelding de erfenis zult ontvangen, want u dient de Heere Christus.”

Fil.2:19t/m30  ‘Betrokkenheid met de gemeente’

Paulus toont zijn liefdevolle gevoelens als het om vreugdevolle opbouw van de gemeente gaat in vs 22. In andere brieven toont hij zich met scherpte tegenover verkapt wettisisme en verkapt heidendom.

 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 19 mei 2016                                               

Thema:  vervolg  Wedergeboorte                                                                                                                                                                                          Opnieuw geboren worden en opgroeien in een eeuwige relatie met God, de Vader.Is te zien dat we wandelen aan de hand van onze hemelse Vader?  Wat zegt Gods Woord? Jezus zegt: Dit is Mijn gebod: dat u elkaar liefhebt (Joh.15:17). Liefde is onderdeel van de vrucht van de Geest (Gal.5:22). Wij moeten ons als ‘levende stenen’ laten gebruiken voor de bouw van een geestelijk huis (1Petr.2:5). In dit laatste beeld is liefde is te vergelijken met cement.  Bijbelse liefde heeft een heel andere betekenis dan wereldse ‘liefde’(1Kor.13). Ze is een uiting van Gods Geest door ons heen. Als broeders samenkomen heeft als doel: groeien in de Geest.

Hoe kunnen we elkaar daarbij helpen Er werd weer volop deelgenomen aan de gesprekken.

• Het wezenlijke van Bijbelse liefde wordt door de Heere Jezus getoond aan het kruis. Liefde is niet een gevoel, maar elkaar dienen (Rom.12:9-21). Het is een    gebod: in de eerste plaats  God liefhebben, daarnaast onze naaste (Mat.22:34-40). Wat betekent dat concreet voor ons bij omgaan met elkaar?

• Liefde en Waarheid gaan samen. Hoe dan toe te passen: de liefde bedekt alles (1Kor.13:7)?

Zien op Jezus aan het kruis: Hij bad voor de misdadigers. De liefde verheugt zich over de Waarheid; wat is de bron van het kwaad en hoe het kwaad overwonnen kan worden. Dat heeft te maken met verdragen en vergeving. Misstappen vereisen een pastorale benadering. Een vraag: wat doet het met jou? Verantwoordelijkheid ten opzichte van de andere vereist kennis van het Woord. Bekering betekent: ons beschikbaar stellen aan God om ons in te zetten.

Gelezen werd Rom.6:1-14, een belangrijke uitwerking zien we in Gal.2:20. Wij moeten ons oude leven loslaten. Dat lukt niet in eigen kracht, daarom aan het begin de dag in Gods hand leggen en aan het eind belijden toch weer ‘in eigen spoor’ gegaan te zijn.

• We hebben een nieuwe identiteit! God kijkt naar ons als zoon, in Zijn Zoon. Het is dus belangrijk kennis van de Heere Jezus te hebben. Hij heeft ons voortgebracht met een doel  (Jac.1:18). Dagelijkse bezigheid in de wereld kan ons gemakkelijk afleiden van onze positie in Christus. Daarom is het verstandig de adviezen in 1Petr.4:2-4 en Col.3:1-4 op te volgen. De tijd nuttig besteden en ons richten op Jezus Christus. Hoe kunnen we elkaar als broeders in de gemeente daarin helpen en steunen?

• Geloven is geen dode discipline. Wij mogen elkaar wijzen op dingen die niet passen bij Jezus Christus en dingen die afgelegd moeten worden. God gebruikt    mensen om ons te corrigeren. Dat kan pijn doen. Maar we vragen Hem om Zijn wil in ons te doen.

• Verlangen beschikbaar te zijn voor God houdt in dat we een ‘bediening der verzoening’ hebben (2Kor.5:14-21). Wat betekent dat? Belangrijke punten daarbij      zijn: vergeven en vergeten.

• Vergeving bevrijdt. Niet vergeven geeft gebondenheid (Mat.6:12-15). De Bijbel geeft de opdracht: schuld te belijden (Jac.5:16; Luc.15:18) en vergeving te       schenken (Luc.17:4). Vergeving vragen legt de verantwoording bij het slachtoffer. Dat kan grote problemen opleveren door de innerlijke beschadigingen bij     het slachtoffer.

• Vergeten. Het kan zijn dat we wel willen vergeven, maar denken het niet te kunnen vergeten. Belangrijk is te onderscheiden: welke geest wil de                      herinneringen in onze gedachten brengen? En ons te richten tot God: ‘ik wil het vergeten Heere Jezus kom mij te hulp’. Paulus geeft advies in Fil.3:14.  

Ter    afronding van het thema wedergeboorte werd gelezen 1Petr.1:3,4

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 21 april 2016                                               

Thema:  de Wedergeboorte

Wedergeboorte:  - waarom noodzakelijk,  - hoe kan dat gebeuren,  - wat is de uitwerking.

Door de zonde zijn we gescheiden van God en dus geestelijk dood. Maar de genade die God schenkt is het eeuwige leven in Christus (Rom.6:23).   Van nature hebben we geen relatie met God. Pas door een geestelijke wedergeboorte komt die tot stand. Zoals we stoffelijk lichamelijk geboren zijn, is het nodig geestelijk geboren te worden.(Joh3:1-21)

Het is een persoonlijke keus voor Jezus Christus en die is waarneembaar aan de uitwerking, zoals wind waarneembaar is aan het bewegen van de bomen. Hoe dat kan gebeuren is een mysterie. In Jac.1:18 lezen we dat het naar Gods wil is, met een doel.

Er kwamen volop gesprekken, vragen, getuigenissen. Een paar punten:

• Zijn we voorbestemd, ligt alles vast?  Worden alle mensen behouden (alverzoening)?

Wij schepselen kunnen onze Schepper niet bevatten. Het is genade dat we mogen geloven en zeker weten dat God rechtvaardig, barmhartig, goed, liefde, enz is. Er is voldoende genade voor iedereen.

• De ‘gemeente’ wordt verzameld uit de heidenen en afgezonderd van de wereld. Wij zijn, wat dat betreft, lotgenoten van Israël. Toen Adam gezondigd had vluchtte hij weg van God. Wij mogen door God onze Vader een lichtend licht in de wereld zijn. De wereld haat het licht en dus ook ons.

• Kon je ‘wedergeboren’ worden voordat het Pinsteren was? De Heilige Geest woont in ons. In het OT lezen we dat de  Geest des Heeren op de mensen was en we lezen over bijzondere mensen zoals de profeten, David, Noach (in zijn dagen was de aarde vol geweldenarij), enz

• De mens blijft verantwoordelijk voor zijn keuze. De Bijbel zegt dat Farao 3x zelf zijn hart verhardde.

Ook voor ons blijft het een dagelijkse keuze: het roer van ons leven overgeven aan de Heere Jezus. Het is een strijd tussen vlees en geest, ons eigen ik moet gekruisigd worden.

• Op de wedergeboorte volgt een groeiproces. Een baby groeit door melk en eten. Zo groeien wij geestelijk door ons te voeden met het Woord van God.

• Het is een proces dat voor elk persoonlijk verloopt. Er kan een radicale bekering zijn, of een weg van ‘Jezus kennen’ - naar - ‘de Heere Jezus in het hart dragen’. Er is maar één Weg tot God de Vader, maar er blijken meerdere wegen naar de Heere Jezus te zijn.

• Gelezen werd 1Joh.2:28-3:9.  Het komt er op aan te ‘blijven in Hem’. 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verslag  “Broederkring” do 17 maart 2016                                             

Thema:       Efeze 3:14 t/m 21; Het Gebed van Paulus               

Paulus als Jood zal gewend geweest zijn staande te bidden tot God, maar nu knielt hij voor de Vader. Zo mogen ook wij staan in het zoonschap, maar knielen in een houding van onderwerping om de grootheid van de almachtige Schepper te eren. Als we besef krijgen van de heiligheid van God begrijpen we de uitroep van Jesaja als hij geroepen wordt (Jesaja 6:1-4): Wee mij, want ik verga!

Ik ben immers een man met onreine lippen en woon te midden van een volk met onreine lippen.  

Alleen als we gereinigd zijn door het bloed van Jezus, kunnen wij dat heiligdom ingaan.

Paulus bidt dat door de onpeilbare, eindeloze kracht van de Heilige Geest  de gedachten, gevoelens en daden geleid zullen zijn door de liefde van Christus om zo tot de volheid van God te kennen. Gebed is belangrijk, want het gaat om een geestelijke strijd (Ef.6:10-12).

Het gebed is voor ‘alle heiligen’, de ‘gemeente’, gegrond in de liefde van Christus. Verlangen naar de liefde van Christus is een werk van de Heilige Geest (Fil.3:10). Als we dat verlangen vasthouden blijven we geestelijk groeien. Het uiteindelijk doel is: gelijkvormig worden aan Jezus. Daarvoor is nodig dat we voortdurend in verbinding staan met Hem, hoe de omstandigheden ook zijn.

Hoe kunnen we elkaar daarbij helpen?

Laten we onszelf afvragen: wil ik in de gemeente vruchten plukken of vrucht dragen (Joh.15:5)?

Met negatieve kritiek heeft elke gemeente te maken, daar liefdevol op reageren is niet eenvoudig. Dat kunnen alleen onder leiding van de Heer. Uit de gesprekken en ervaringen die genoemd werden een paar praktische adviezen:

• een goed gesprek vereist verdieping in de persoon; begin met een open vraag.

• besef de geestelijke strijd en kracht van menselijke woorden: Dood en leven zijn in de macht der tong, wie aan haar toegeeft, zal haar vrucht eten. (Spr.18:21) De voorzitter vestigde de aandacht op het ‘om die reden’ (Ef.3:14):

het geheim dat de gemeente aan de geestelijke wereld de wijsheid Gods bekend maakt (Ef.3:10). Dat geheim zal openbaar worden bij de opname van de Gemeente. Het gaat om ‘samen met alle heiligen’. Daarom is het belangrijk om elkaar aan te vullen.  En dat bleek ook weer in de verschillende opmerkingen die in de gesprekken naar voren kwamen.

• ook Israël heeft deel aan dit geheimenis;

• zijn er ‘moeilijke mensen’, of zijn we dat allemaal; kunnen wij ons inleven in de ander en met de liefde van Jezus naar de mens kijken?

• de Bijbelse personen kunnen ons tot voorbeeld dienen, bijvoorbeeld: - Mozes pleitte voor de eer van God toen het volk zich misdroeg (Ex.32:11-14), - bij Petrus zien we dat we oprecht kunnen zijn en toch verblind worden door satan (Mat.16:21-23, Gal.2:11-14). Er kwam weer een ander gespreksonderwerp: Hoe verstaan we Gods roepstem.

• het is een individueel zoeken en bidden; bv Mat.6:33 ‘Zoekt eerst het koninkrijk van God’. Dat geeft innerlijke strijd want de geest is wel gewillig maar het vlees is zwak

• het is overgave: Heer, ik wil Uw weg gaan, wees sterker dan mijn eigen ik. Toepassen wat staat in Spreuken 3:5,6 of W.W.J.D (wat zou Jezus doen).

• Daniël is een goed voorbeeld: hij houdt vast aan Gods gebod, dat brengt hem in de leeuwenkuil, maar de leeuwen kunnen niets tegen hem beginnen. Zo hebben boze geesten geen macht over ons als we ons houden aan Gods Woord.

• het gaat niet om onze wens maar wat tot Gods eer is. Voor de gemeente is daarom gebed voor de raad belangrijk om juiste beslissingen te nemen: niet meeg.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------



Deze website is gemaakt met KwikCMS, een product van SCHERP Ontwikkeling B.V.